Projectschema Spiegelbijeenkomsten

Projectgegevens:
1.        Projectnaam (+ locatie): Aanleg-/overnachtingsplaatsen motorboten in de buurt van wandelpaden
2.        Initiatiefnemer(s):KNWV
3.        Geschatte projectkosten:subsidie mogelijk

4.        Status (ideefase, voorbereidingsfase, uitvoeringsfase):ideefase

Invalshoek & Scenario:
5.        Invalshoek (meerdere tegelijk mogelijk)
q       Boeren
q       Cultuur & Historie
q       Natuur & Milieu
q       Ondernemers
q       Recreatie
q       Water
q       Anders, namelijk: …
6.        Past in Scenario (meerdere tegelijk mogelijk)  :

q       Autonome ontwikkeling
q       Amstelland in Boerenhand
q       Parklandschap
q       Amstellandgoed
q       Geen van de scenario’s
q       Weet niet

Wenselijkheid:
7.        Beoogd doel / lost welk probleem op? ‘wild’ aanleggen

Waarschijnlijkheid:
8.        sluit aan bij welke ontwikkeling / trend? Of gaat daar tegenin?Amstelrecreatie vaarwater

Voorwaarden:
9.        Beoogde partners in de uitvoering:…………………………………………………..

10.    Voorwaarden voor uitvoering:
q       Tempo
q       Regelgeving aanpassen
q       Financiering door overheid /
q       Overheidsgeld nodig als voorwaarde voor particuliere investering
q       Anders, namelijk….

Verslag van de Spiegelbijeenkomst: Cultuur en Historie

Dinsdag 4 februari, 14.00 – 16.30 uur

Gespreksleider: Dhr. J. Saris (directeur De Stad BV)

Aanwezigen:
Dhr. G. Timmermans (DRO, projectleider Toekomst Amstelland), Mw. V. Valkeman (De Stad BV), Mw. Genewasen (NCM), Mw. F. van der Heijden (Groengebied Amstelland), Mw. Kemperman (Provincie Utrecht), Dhr. B. Korff (PWN en bestuur Stichting Stelling v. Amsterdam), Dhr. J. E. F. Landman (dWR), Dhr. G. Prast (Vrienden van Westeramstel), Dhr. Raap (NCM), Dhr. L. van Roij (Rijksdienst voor de Monumentenzorg), Dhr. P. van Schaik (Cultuurhistorische Vereniging Amstelveen), Mw. C. Smook (Provincie Noord-Holland), Dhr. J.M. van der Veen (Steunpunt Cultureel Erfgoed Noord Holland), Mw. M. Visser (Steunpunt Cultureel Erfgoed Noord Holland), Dhr. J. van der Werf (Bureau Monumentenzorg en Archeologie), Dhr. C. de Bont (Alterra, Universiteit Wageningen), Mw. H. Oerlemans (beeldend kunstenaar), Dhr. J. Dietvorst (beeldend kunstenaar), Mw. M. Sponselle (SKOR), Mw. R. Sijbring (De Geuzen, beeldend kunstenaar), Mw. J. Klopper (Klopper Communicatie, verslaglegging)

1.         Introductie
Dhr. Timmermans van DRO heet iedereen van harte welkom op de Spiegelbijeenkomst Cultuur en Historie en vertelt dat deze bijeenkomst de eerste is uit een serie van spiegelbijeenkomsten. Dhr. Saris legt vervolgens het doel van de spiegelbijeenkomsten uit: ‘de aanwezigen vanuit een zelfde invalshoek, in dit geval cultuur en historie, te laten kijken naar het Amstelland, de vier scenario’s te bespreken en vanuit hun invalshoek concrete voorstellen te doen voor projecten’. Dhr. Saris benadrukt dat ideeën vanuit een andere invalshoek dan cultuur en historie uiteraard ook mogelijk zijn.

Dhr. Saris licht toe dat men op dit moment halverwege het proces is. Aan het eind van het proces zullen keuzes gemaakt worden over projecten van enkele miljoenen euro’s. Het geld voor deze projecten is beschikbaar gesteld door het Ministerie van Landbouw, Natuur en Visserij, de Gemeente Amsterdam en inmiddels ook door het Europees Fonds. De projecten die uitgekozen worden moeten passen bij een toekomstbeeld van Amstelland dat:
– wenselijk is
– waarschijnlijk is
– waarvoor de middelen aanwezig zijn
– de voorwaarden aanwezig zijn.

Een van de doelen van deze bijeenkomst is te bepalen in hoeverre de door de aanwezigen ingediende projectvoorstellen voldoen aan de genoemde 4 voorwaarden voor de toekomst van het Amstelland. Dhr. Saris nodigt hierop de aanwezigen uit om zichzelf voor te stellen en in het kort te vertellen wat hun projectvoorstel is. Na dit onderdeel van de bijeenkomst zullen de projectvoorstellen tegen de achtergrond van de vier scenario’s gehouden worden en worden de aanwezigen uitgenodigd om hun beoordeling te geven over de projecten.

2.         Ingediende projecten
1. Natuurhistorische verkenning / inventarisatie cultuurhistorische waarden van het Amstelland
Indiener: Dhr. P. van Schaik, lid van de Cultuurhistorische Vereniging Amstelveen en vertegenwoordiger van het Gemeentelijk Historisch Museum te Ouderkerk
Toelichting: Een inventarisatie van de cultuurhistorische waarden van Amstelland gepresenteerd aan het grote publiek in een boekwerk met veel fotomateriaal, gelardeerd met deskundige artikelen.

2. Ren-/skatebaan rond de Ouderkerkerplas
Indiener: Dhr. G. Prast, voorzitter van de Vrienden van Westeramstel
Toelichting: Dit project is een invulling van een toekomstgericht recreatieplan; het zou bijvoorbeeld de Olympische ren- en skatebaan dicht bij de Arena genoemd kunnen worden. Voorwaarde voor dit project is dat de ren- en skatebaan twee meter boven de grond wordt geplaatst, zodat mensen erboven en eronderdoor kunnen.

3. Ren-/skatebaan Zuid-as van Amsterdam vanaf het stadshart Amstelveen
Indiener: Dhr. G. Prast, voorzitter van de Vrienden van Westeramstel
Toelichting: Dhr. Prast denkt dat dit project een bescheiden bijdrage aan de oplossing van de verkeerscongestie zou kunnen zijn. Voorwaarde is dat de baan twee meter 25 boven de grond zal komen en wel in de vorm van een dubbele baan, zodat mensen elkaar kunnen passeren. In de toekomst zou men zich mogelijk met gemotoriseerde skates kunnen voortbewegen, zodat snelheid en comfort toenemen. Volgens dhr. Prast zou de financiering voor dit project van de overheid moeten komen. Een bijkomend voordeel van dit project is dat het goed voor het milieu is.

4. Adoptie koeien, schapen en geiten
Indiener: Dhr. G. Prast, voorzitter van de Vrienden van Westeramstel
Toelichting: Voor de boeren is het moeilijk om de koeien, schapen en geiten in de wei te houden, maar stedelingen stellen het wel zeer op prijs dat koeien in de wei blijven. Een creatieve oplossing om koeien toch in de wei te houden zou adoptie kunnen zijn. Dit is eenvoudig met een stichting te regelen volgens dhr. Prast.

5. Combinatie van wateropslag in het wateropslaggebied en de inundatievelden van de stelling van Amsterdam
Indiener: Dhr. B. Korff, Algemeen Bestuurslid Stichting Stelling van Amsterdam, tevens hier op voordracht van de Stichting Red het Noord-Hollands Landschap
Toelichting: Het blijkt dat dit project al ingediend is bij het scenario parklandschap. Volgens dhr. Saris is dit een omstreden voorstel want al jaren geleden is bij de boeren besloten voor een andere vorm van waterberging.

6. Restauratie gemaal Ronde Hoep
Indiener: Dhr. J. Landman, Dienst Waterbeheer en Riolering Hilversum, tevens ondersteuning van het hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht
Toelichting: Dhr. Landman vertelt dat er in 1996 een nieuw gemaal gebouwd is in de Ronde Hoep. Er staat echter nog een oud gemaal met een unieke dieselmotor. Deze dieselmotor is een van de 1e types van na het stoomtijdperk, is nog in redelijke staat, maar moet opgeknapt worden. Het idee is om deze motor na het opknappen te laten zien aan het publiek en eventueel ook de werking ervan te laten zien. Dit project zou dus ook een recreatieve functie dienen. Het bestuur heeft de Dienst Waterbeheer en Riolering opdracht gegeven te onderzoeken of de restauratie van het gemaal via een stichting te financieren is. Wellicht zijn er ook financieringsmogelijkheden die vanuit het project Toekomst Amstelland aangeboord kunnen worden. Volgens de heer Landman past dit project het beste bij het scenario ‘Parklandschap’.

De heer Landman merkt tevens op dat vanuit de Dienst Waterbeheer en Riolering Hilversum een inventarisatie is gemaakt van de watergebonden cultuurhistorische elementen in hun beheersgebied. Over 2 maanden komt hierover een boek uit. De inventarisatie is dan ook verkrijgbaar op CD ROM.

7. Historische waterinfrastructuur laten zien en koppelen aan recreatie/ontwikkeling van het landschap in het huidige landschap
Indiener: Mw. S. Kemperman, provincie Utrecht
Toelichting: Mw. Kemperman denkt dat het mogelijk is om de historische waterinfrastructuur zichtbaar te maken door het turfwinningslandschap en de droogmakerijen te tonen en hiermee aan te sluiten bij ideeën en musea die er al zijn.

8. Plaatsing van nieuwe windmolens op oude molenplaatsen
Indiener: Mw. S. Kemperman, provincie Utrecht
Toelichting: Er zijn diverse oude molenplaatsen; deze zou men kunnen benutten door er windmolens te plaatsen. Dit levert ook inkomen op, de vraag is voor wie.

9. Het verhaal van de stelling van Amsterdam overbrengen aan het publiek
Indiener: Mw. C. Smook, Provincie Noord-Holland, tevens projectleider van de Stelling van Amsterdam
Toelichting: Volgens mw. Smook zou je het gebied van de Stelling van Amsterdam tussen Fort Waver Amstel en Fort Abcoude letterlijk kunnen opvatten als een oost-west verbinding. Dit gebied kun je recreatief ontsluiten door op een andere manier de informatie over de Stelling van Amsterdam over te brengen. Bijvoorbeeld niet als krijgskundig monument, maar meer als waterstaatkundig monument. In deze visie zou bijvoorbeeld Fort Waver Amstel een pleisterplaats kunnen worden.

10. Voormalige buitenplaatsen laten zien
Indiener: Mw. C. Smook, Provincie Noord-Holland en tevens projectleider Stelling van Amsterdam
Toelichting: Mw. Smook zou graag de buitenplaatsen die meer naar het noorden toe liggen openstellen voor het publiek, zodat al deze onzichtbare schatten te zien zijn.

11. Routekaarten voor het Amstelland
Indiener: Dhr. Saris, De Stad BV
Toelichting: Dit voorstel is gedaan n.a.v. een discussie over de cultuurhistorische waardenkaarten van het gebied Noord-Holland die zijn uitgebracht door de provincie Noord-Holland (mw. Van Goor, Provincie Noord-Holland, tevens regiocoördinator Zuid weet hier meer van). Deze kaarten zou je als basis kunnen gebruiken voor de Routekaarten van Amstelland.

12. Welstandscommissies meer voorlichten over landschappelijke aspecten, zodat beslissingen over inrichting beter genomen kunnen worden
Indiener: Mw. F. van der Heijden, medewerker Natuur en Landschap van het Groengebied Amstelland
Toelichting: Volgens mw. Van der Heijden bestaan welstandscommissies onder anderen vaak uit stedenbouwkundige architecten, die zich meer richten op het stedelijk gebied dan op het landschap. Daardoor worden specifieke landschappelijke elementen weleens vergeten.
Hierop volgt een opmerking vanuit de zaal over een studie over de Vecht, waarin antwoorden gegeven worden op vragen als: ‘Wat is typisch Vechts, wat zijn karakteristieken van de Vecht, hoe kun je daar wonen et cetera? Deze studie is uitgevoerd door landschapsarchitecten. Zou het niet een goed idee zijn om de krachten van stedenbouwkundige en landschapsarchitecten te bundelen?

13. Kruithuizen zichtbaar maken in het landschap
Indiener: Mw. F. van der Heijden, medewerker Natuur en Landschap van het Groengebied Amstelland
Toelichting: Mevrouw Van der Heijden zou de kruithuizen zichtbaarder willen maken in het landschap door er bijvoorbeeld expositieruimtes van te maken.

14. Elzenhoven opknappen
Indiener: Mw. F. van der Heijden, medewerker Natuur en Landschap van het groengebied Amstelland
Toelichting: Mevrouw Van der Heijden vertelt dat Elzenhoven nooit is herbouwd, nadat het in de nacht voordat het geopend zou worden in brand is gestoken. Aangezien de verzekering pas inging na de opening, waren er geen financiële middelen om het te herbouwen.

15. GSM-informatie verstrekken over de omgeving
Indiener: Mw. Genewasen, Nationaal Contact Monumenten
Toelichting: Mw. Genewasen stelt voor om informatie over de omgeving via de mobiele telefoon te geven, bijvoorbeeld informatie over de Stelling van Amsterdam. Het nadeel van informatieborden is dat het kan leiden tot musealisering van de omgeving; bovendien geven ze vaak niet heel veel informatie.

16. Trits van boeren, waterbeheer en cultuurhistorie als buffer tegen het stadshart
Indiener: Dhr. K. de Bont, Alterra, Universiteit Wageningen
Toelichting: Dhr. De Bont zou een buffer willen vormen tegen het stadshart. Deze buffer zou moeten bestaan uit boeren, waterbeheer en cultuurhistorie. Zijn project zou het uitzoeken van een goede strategie voor behoud van het huidige landschap. Vraag die beantwoord zou moeten worden is: hoe je ervoor kan zorgen dat de stad betaalt voor het instandhouden van dit landschap en het onderhoud van het platteland.
Volgens dhr. Saris blijven ‘echte boeren’ alleen in stand als de stad producten afneemt van de boeren. Als de stad zou gaan subsidiëren, zou je alleen maar kunstboeren krijgen. Overigens zal in de komende jaren de subsidie aan boeren in het kader van de EU geheel worden afgeschaft.

17. Van kust tot kust
Indiener: Dhr. J. van der Veen en mw. M. Visser, beide van Steunpunt Cultureel Erfgoed Noord Holland
Toelichting: Dhr. Van der Veen en mevrouw Visser zijn beiden voor het gebruik van de aanwezige cultuurhistorie bij de ontwikkeling van het landschap.

Overige aanwezigen
Dhr. Raap, beleidsmedewerker Nationaal Contact Monumenten, brengt geen project in, maar droomt ervan dat de cultuurhistorische routes ooit in kaart zullen worden gebracht. Hij vindt het belangrijk dat er aandacht is voor cultuurhistorie in het ontwikkelen van nieuwe ruimtelijke plannen van stads- en dorpsranden. Nationaal Contact Monumenten is dit moment bezig met het in kaart brengen van de cultuurhistorische waarden van het Amstelland, daarbij gebruikmakend van het rapport van de heer Landman. Aandachtspunt daarbij is hoe dit onder de aandacht van de gemeente en overheid te brengen.

Mw. Van Goor, Provincie Noord-Holland, tevens regiocoördinator Zuid heeft eveneens geen project, maar meldt dat er door de Provincie Noord-Holland een cultuurhistorische waardenkaart van het gebied Noord-Holland is uitgebracht, die je als basis kunt gebruiken voor de cultuurhistorische waardenkaart van Amstelland.

Dhr. J. van der Werf, Bureau Monumentenzorg en Archeologie, brengt geen nieuw project in. Wel houdt ook hij een pleidooi voor een cultuurhistorische waardenkaart. Hij vindt dat cultuurhistorie en recreatie niet bij elkaar gebracht moeten worden.

Dhr. L. van Roij, Rijksdienst voor de Monumentenzorg, brengt geen nieuw project in, maar vindt het eveneens belangrijk dat de cultuurhistorische waardenkaart er komt, dat deze gebruikt wordt bij artikel 19 en ingezet wordt bij archeologische plekken. Het gebruik van deze kaarten bij archeologische plekken heeft als voordeel dat je het verhaal in het landschap kan vertellen, zonder borden, maar bijvoorbeeld met oude stenen.

Verdere aanwezigen zijn de beeldend kunstenaars en ontwerpers die bij deze bijeenkomst aanwezig zijn ter inspiratie en ideeënvorming: Mw. H. Oerlemans (beeldend kunstenaar), Dhr. J. Dietvorst (beeldend kunstenaar), Mw. M. Sponselle (SKOR), Mw. R. Sijbring (De Geuzen, beeldend kunstenaar).

3.         Bespreking van voorstellen aan de hand van scenario’s
Dhr. Saris kondigt het volgende onderdeel van deze bijeenkomst aan: het bespreken van alle ingediende projecten op de in de inleiding geschetste voorwaarden: wenselijkheid, waarschijnlijkheid, aanwezigheid van middelen en voorwaarden. Ook is het bedoeling om per project te bekijken bij welk van de scenario’s het project het best past.

Project: In kaart brengen cultuurhistorische waarden van Amstelland
Dhr. Saris leidt in: Bij veel van de aanwezigen bestaat de behoefte om de cultuurhistorische waarden van Amstelland in kaart te brengen. Hij vraagt de aanwezigen in hoeverre zij denken dat het zinvol is om dit te doen. Er volgen diverse reacties:
– eigenlijk had voorafgaand aan het opstellen van de scenario’s al een onderzoek moeten plaatsvinden naar de cultuurhistorische waarden waarin vragen beantwoord worden als: in hoeverre komen de cultuurhistorische waarden in het gedrang bij de vertaalslag van de scenario’s? Deze cultuurhistorische kaart zou ook ter inspiratie dienen. Er wordt voorgesteld om ontwerpers samen met cultuurhistorici te laten uitwerken welke effecten de uitwerking van de verschillende scenario’s zouden hebben op de cultuurhistorische waarden in het gebied.
– het voorgaande sluit aan bij het voorbeeld van Belvedère. In het kader hiervan ontwerpt men op basis van een zogenaamde onderlegger, die is opgesteld door landschapsontwerpers en cultuurhistorici. Op basis van deze onderlegger worden vervolgens inrichtingsprincipes toegepast.

Dhr. Saris vraagt zich af wat het nut is van het maken van zo’n kaart en de toekomstige inrichting van het gebied: in welke toekomst past de kaart van cultuurhistorische waarden?
Een van de aanwezigen merkt vervolgens op dat er in de loop van de jaren bijzonder veel kaarten zijn gemaakt en dat een nieuwe kaart meer van hetzelfde is. Volgens haar gaat het om de vertaalslag: wat wordt ermee gedaan? Stelt men vervolgens algemene ideeën op over wat we zouden willen, of worden er concrete plannen gemaakt. Men vindt het belangrijk dat er concrete plannen worden gemaakt.

Dhr. Saris vat de conclusies samen: het is in het algemeen belang om de cultuurhistorische waarden van Amstelland in kaart te brengen en vervolgens te vertalen in recreatieve zin, toeristische zin en/of als uitgangspunt voor kwaliteitsbeleid te gebruiken door welstandscommissies.

Projecten betreffende de Stelling van Amsterdam:
– water zetten aan de zuidkant van de Stelling van Amsterdam
– de verbinding van de Amstel naar Abcoude
– het zichtbaar maken van het watersysteem

Water aan zuidkant van Stelling van Amsterdam
Volgens degene die dit project heeft ingediend past het bij alle vier de scenario’s. Financiering zou mogelijk zijn door Birk, Belvedère en eventueel het Stimuleringsfonds voor architectuur

Dhr. Saris vraagt in hoeverre het onder water zetten van de buitenkant van de Stelling van Amsterdam gesteund zou worden door de waterschappen. Een van de aanwezigen antwoordt hierop dat de kans dat de waterschappen zoiets zouden steunen niet groot is, tenzij de veiligheid van de omgeving in gevaar is. Wel zouden de  waterschappen willen denken over een koppeling van de stelling en de inundatievlaktes, als er combinatiemogelijkheden zijn en deze combinatie ook meerwaarde en voordelen biedt.

Er volgt een andere vraag van een van de aanwezigen: ‘Het water wordt bij overstromingen op dit moment naar de Ronde Hoep afgeleid en dit is opgenomen in de deelstroomsgebiedvisie. Zijn eigenlijk alle belangen bij het besluit om water naar de Ronde Hoep af te leiden wel meegenomen en zou daar niet eventueel opnieuw een gesprek over kunnen worden aangegaan? Volgens dhr. Saris is dit zeker mogelijk. Het is belangrijk dat het landschappelijk en historisch argument goed wordt afgewogen tegen het waterhuiskundig argument.

Project: Ren-/skatebaan Ouderkerkerplas
De indiener van dit project licht toe dat er veel behoefte is aan goede ren- en skatebanen. Dit project is een manier om sportieve recreatie te koppelen aan de openheid van het gebied. Volgens dhr. Saris is dit project mogelijk doordat het de aantrekkelijkheid van het gebied vergroot.

Project: Ren-/skatebaan Zuid-as
Volgens dhr. Prast, de indiener van dit project zou het een bescheiden bijdrage kunnen leveren aan het opheffen van de verkeersdrukte. Volgens dhr. Saris is dit wel een ingewikkeld project en moet men bij uitvoering uitsluitend denken in termen van bestaande verbindingen.

Project: Adoptie koeien, schapen en geiten
Alle aanwezigen zijn het er over eens dat dit een wenselijk project is. De waarschijnlijkheid van het project is afhankelijk van wie je er bij betrekt, bijvoorbeeld scholen. Volgens de indiener van het project is het een leuk project, kost het weinig en is het educatief interessant. Een van de aanwezigen merkt wel op dat dit project alleen uitvoerbaar is als er ook echte boeren blijven.

Project: Historische vaarwegen/routes
De vraag bij dit project is wat eigenlijk het doel zou zijn. Historische vaarwegen in het groene Hart zijn al vele malen bekendgemaakt. De vertegenwoordiger van het NCM meldt dat er binnenkort ook een boek over uitkomt. Volgens de aanwezigen zou het de moeite waard zijn om de knelpunten te inventariseren die nog niet op de kaart staan. De vertegenwoordiger van het NCM wordt daarop gevraagd om een overzicht te geven van de knelpunten tot nog toe in het groene Hart. Dit overzicht kan gebruikt worden op de vergadering van 10 maart 2003.

Project: Windturbines op plekken van oude molens
Het voordeel van dit project is dat het inkomen zou kunnen betekenen voor boeren en oude structuren voor nieuwe boeren terug kan brengen. De voorwaarde bij dit idee is wel dat de windturbines minimaal 175 meter hoog zijn. Het grootste deel van de aanwezigen is hier niet blij mee. Het zou ook niet mogen volgens het bestemmingsplan van de Ronde Hoep. De heer Timmermans meldt dat het bij boeren ook al als idee is geopperd en dat hierop wisselende reacties gekomen. Een van de aanwezigen vraagt of men windturbines wel in de Ronde Hoep zou moeten zetten en niet beter langs moderne infrastructuur zou kunnen plaatsen. Bij uitvoering van het project zou men Nuon en de boeren moeten betrekken.

Project: Tonen van voormalige buitenplaatsen
Het betreft hier de buitenplaatsen langs de Amstel. De discussie concentreert zich eerst op welke manier men deze buitenplaatsen zou kunnen laten zien. Informatieborden wil men zoveel mogelijk vermijden en opnieuw wordt het idee van informatie via de GSM geopperd. Dhr. Saris vraagt of het niet interessanter is om nieuwe buitenplaatsen te maken dan resten van het verleden op te bouwen. Hierop wordt gemeld dat er nog maar 1 plekje voor een nieuwe buitenplaats is aan de Amstel en dat het niet gewenst is om deze ook vol te bouwen. Er blijkt tussen Amsterdam en de westkant van Amstelveen sowieso geen open gebied meer te zijn. De andere kant van Amstelland, Gaasp, heeft wellicht nog wel ruimte. Als hier buitenplaatsen zouden worden gebouwd zouden de kwaliteit en allure misschien wel toenemen. Men vindt dat er langs de Vecht wel op een aardige manier buitenplaatsen zijn gecreëerd. Hier is afwisselend gebouwd en dit geeft een aardig effect.

Dhr. Saris vat samen: het laten zien van voormalige buitenplaatsen blijft omstreden. De voorwaarden voor uitvoering van een dergelijk project zouden zijn dat het project geld moet opbrengen en geen geld mag kosten en dat bovendien de landschappelijke kwaliteit toeneemt.  Wellicht moet onderzocht worden wat precies kwaliteit is in dit verband. Het project langs de Vecht kan als inspiratiebron dienen. Als laatste opmerking wordt de vraag gesteld of men eigenlijk wil dat het stuk boven de A9 openblijft. Als dat niet het geval is dan zouden buitenplaatsen bijvoorbeeld meer kans krijgen.

4.         Projectformulieren
Dhr. Saris verzoekt ieder die een project zou willen indienen dit voor 10 maart 2003 te doen, liefst eerder. De projecten die ingediend worden, worden op een binnenkort te lanceren site geplaatst. Overigens is het mogelijk dat als een bepaald project niet vanuit het GIOS gefinancierd kan worden, het misschien wel vanuit een andere bron kan.

5.         Rondvraag
– De indiener van het project ‘Restauratie van het oude gemaal’ benadrukt dat dit idee niet een losstaand project is. Zijn stichting zal het zelf uitvoeren, maar het zou mooi zou zijn als er een financiële bijdrage voor gevonden zou kunnen worden.
-Dhr. Saris vraagt wie het ontwikkelen van de cultuurhistorische waardenkaart van Amstelland gaat coördineren. In overleg met onder andere dhr. Raap van het Nationaal Contact Monumenten wordt gekeken hoe dit zo snel mogelijk te realiseren is.
– Dhr. Van Schaik, indiener van het project ‘inventarisatie van de cultuurhistorische waarden van Amstelland’, benadrukt dat hij met zijn project bij een breed publiek de betrokkenheid bij Amstelland probeert te vergroten en dat daarvoor een visualisatie van Amstelland met hulp foto’s en teksten nodig is.
– Eén van de aanwezigen maakt zich zorgen over het feit dat bij deze bijeenkomst geen nieuwe Nederlanders aanwezig zijn. Hij vindt dat als de toekomst van Amstelland besproken wordt, de toekomstige bewoners van de omliggende stedelijke gebieden ook betrokken moeten zijn bij de plannenmakerij. En nieuwe Nederlanders vormen zeker in de toekomst een nog groter deel van de bevolking. Zijn vraag is hoe je deze mensen erbij kan betrekken. Wellicht is het mogelijk om een spiegelbijeenkomst voor representanten van nieuwe Nederlanders te houden?
– Een andere deelnemer vraagt waarom er geen mensen uit de gemeente aanwezig zijn. Dhr. Timmermans antwoordt dat zij al bij een vorige bijeenkomst aanwezig waren en dat zij op de hoogte gehouden worden van de ontwikkelingen.

6.         Afsluiting
Dhr. Timmermans meldt dat er op 10 maart 2003 een projectenworkshop plaatsvindt waarop alle projecten zullen worden besproken. Iedereen wordt hiervoor van harte uitgenodigd. Verder dankt de heer Timmermans iedereen hartelijk voor zijn of haar bijdrage.

Adoptie koeien, 2; 7
Elzenhoven, 4
GSM-informatie, 4
Historische vaarwegen/routes, 7
Natuurhistorische verkenning / inventarisatie cultuurhistorische waarden, 2
Ren-/skatebaan Ouderkerkerplas, 7
Ren-/skatebaan rond de Ouderkerkerplas, 2
Ren-/skatebaan Zuid-as, 2; 7
Restauratie gemaal Ronde Hoep, 3
Routekaarten voor het Amstelland, 4
Tonen van voormalige buitenplaatsen, 8
Trits van boeren, waterbeheer, 5
Van kust tot kust, 5
Welstandscommissies, 4
Windturbines, 7

Projectformulier Toekomst Amstelland

Heeft u een projectidee of voornemen dat richting kan geven aan de Toekomst van het Amstelland? Breng uw project in in het Platform Toekomst Amstelland.
Ingevulde projectformulieren zullen op de website van Toekomst Amstelland worden gepubliceerd. U kunt daar ook op de ingebrachte projecten reageren en eventueel uw steun ervoor uitspreken. Op de Projectenworkshop van 10 maart kunnen de projectindieners hun eigen project aan de man brengen. De aanwezigen zullen de projecten beoordelen en becommentariëren tegen de achtergrond van de toekomstperspectieven voor het Amstelland.

1.        Projectnaam: Oude gemaal de Ronde Hoep

2.        Initiatiefnemer(s): Hoogheemraadschap Amstel, Gooi- en Vechtstreek

3.        Beoogd doel / lost welk probleem op?/ sluit aan bij welke ontwikkeling of behoefte? Restauratie gemaal c.a., recreatieve ontsluiting, watergebonden cultuurhistorie

4.        Projectomschrijving + locatie: Restauratie gebouw + dieselgemaal, bezoekerscentrum

5.        Beoogde partners in de uitvoering: gemeente Ouder-Amstel; provincie; machinefabriek e.a.

6.        Voorwaarden voor uitvoering:
q       Regelgeving aanpassen
q       Financiering door overheid
q       Overheidsgeld nodig als voorwaarde voor particuliere investering
q       Anders, namelijk….

7.        Past in Scenario (meerdere tegelijk mogelijk)  :

q       Autonome ontwikkeling ?
q       Amstelland in Boerenhand
q       Parklandschap
q       Amstellandgoed
q       Geen van de scenario’s
q       Weet niet

8.        Invalshoek (meerdere tegelijk mogelijk)

q       Boeren
q       Cultuur & Historie
q       Natuur & Milieu
q       Ondernemers
q       Recreatie
q       Water
q       Anders, namelijk: …

9.        Geschatte projectkosten: € 400.000

10.    Status (ideefase, voorbereidingsfase, uitvoeringsfase): ideefase

Projectformulier Toekomst Amstelland

Heeft u een projectidee of voornemen dat richting kan geven aan de Toekomst van het Amstelland? Breng uw project in in het Platform Toekomst Amstelland.
Ingevulde projectformulieren zullen op de website Toekomst Amstelland worden gepubliceerd. U kunt daar ook op de ingebrachte projecten reageren en eventueel uw steun ervoor uitspreken. Op de Projectenworkshop van 10 maart kunnen de projectindieners hun eigen project aan de man brengen. De aanwezigen zullen de projecten beoordelen en becommentariëren tegen de achtergrond van de toekomstperspectieven voor het Amstelland.

1.        Projectnaam: Aantal recreatiegebieden alleen toegankelijk maken voor voetgangers en fietsers (bijv. aan de Ouderkerkerplas)

2.        Initiatiefnemer(s): particulier

3.        Beoogd doel / lost welk probleem op?/ sluit aan bij welke ontwikkeling of behoefte?Kanaliseren van verkeersstromen en scheiden van de verschillende ‘geest’verwanten

4.        Projectomschrijving + locatie: daar waar van toepassing

5.        Beoogde partners in de uitvoering

6.        Voorwaarden voor uitvoering:
q       Regelgeving aanpassen
q       Financiering door overheid
q       Overheidsgeld nodig als voorwaarde voor particuliere investering
q       Anders, namelijk….

7.        Past in Scenario (meerdere tegelijk mogelijk)  :

q       Autonome ontwikkeling
q       Amstelland in Boerenhand
q       Parklandschap
q       Amstellandgoed
q       Geen van de scenario’s
q       Weet niet

8.        Invalshoek (meerdere tegelijk mogelijk)

q       Boeren
q       Cultuur & Historie
q       Natuur & Milieu
q       Ondernemers
q       Recreatie
q       Water
q       Anders, namelijk: …

9.        Geschatte projectkosten: nul euro

10.    Status (ideefase, voorbereidingsfase, uitvoeringsfase)

Projectformulier Toekomst Amstelland

Heeft u een projectidee of voornemen dat richting kan geven aan de Toekomst van het Amstelland? Breng uw project in in het Platform Toekomst Amstelland.
Ingevulde projectformulieren zullen op de website van Toekomst Amstelland worden gepubliceerd. U kunt daar ook op de ingebrachte projecten reageren en eventueel uw steun ervoor uitspreken. Op de Projectenworkshop van 10 maart kunnen de projectindieners hun eigen project aan de man brengen. De aanwezigen zullen de projecten beoordelen en becommentariëren tegen de achtergrond van de toekomstperspectieven voor het Amstelland.

1.        Projectnaam: Amstelland anno 2003

2.        Initiatiefnemer(s): P. v. Schaik

3.        Beoogd doel / lost welk probleem op?/ sluit aan bij welke ontwikkeling of behoefte? Cultuurhistorische inventarisatie

4.        Projectomschrijving + locatie
5.        Beoogde partners in de uitvoering: betrokken gemeenten en plaatselijke historische verenigingen

6.        Voorwaarden voor uitvoering:
q       Regelgeving aanpassen
q       Financiering door overheid
q       Overheidsgeld nodig als voorwaarde voor particuliere investering
q       Anders, namelijk….

7.        Past in Scenario (meerdere tegelijk mogelijk)  :

q       Autonome ontwikkeling
q       Amstelland in Boerenhand
q       Parklandschap
q       Amstellandgoed
q       Alle scenario’s
q       Weet niet

8.        Invalshoek (meerdere tegelijk mogelijk)

q       Boeren
q       Cultuur & Historie
q       Natuur & Milieu
q       Ondernemers
q       Recreatie
q       Water
q       Anders, namelijk: …

9.        Geschatte projectkosten

10.    Status (ideefase, voorbereidingsfase, uitvoeringsfase): suggestie

Toelichting: Ik ben van mening dat het van wezenlijke cultuurhistorische betekenis zou zijn alls het Amstelland anno 2003 in foto’s, tekeningen e.d. zou worden vastgelegd. Er kan ook gedacht worden aan artikelen (John Jansen van Galen e.a.).
Het project zou gedragen moeten worden door de deelnemende gemeenten en de historische verenigingen in de regio.
Over de financiële consequenties valt in dit stadium nog niets te zeggen, want die hangen af van de opzet en de uitvoering. Ik vermoed echter dat de doelgroep vrij breed zal blijken te zijn. Als dat het geval zal zijn, zal een belangrijk deel van de financiering terugvloeien in de vorm van boekverkoop. Over dertig jaar zou een vervolg kunnen verschijnen.

Projectschema Spiegelbijeenkomsten

Projectgegevens:
1.        Projectnaam (+ locatie):Kaarten voorzien van schaatsroutes
2.        Initiatiefnemer(s):ijsclubs + KNSB
3.        Geschatte projectkosten:
4.        Status (ideefase, voorbereidingsfase, uitvoeringsfase):ideefase

Invalshoek & Scenario:
5.        Invalshoek (meerdere tegelijk mogelijk)
q       Boeren
q       Cultuur & Historie
q       Natuur & Milieu
q       Ondernemers
q       Recreatie
q       Water
q       Anders, namelijk: …
6.        Past in Scenario (meerdere tegelijk mogelijk)  :

q       Autonome ontwikkeling
q       Amstelland in Boerenhand
q       Parklandschap
q       Amstellandgoed
q       Geen van de scenario’s
q       Weet niet

Wenselijkheid:
7.        Beoogd doel / lost welk probleem op? Door huidige officiële KNSB-schaatsroutes in gebied op kaart in te tekenen (zie hieronder)

Waarschijnlijkheid:
8.        sluit aan bij welke ontwikkeling / trend? Of gaat daar tegenin ?

Voorwaarden:
9.        Beoogde partners in de uitvoering:…………………………………………………..

10.    Voorwaarden voor uitvoering:
q       Tempo
q       Regelgeving aanpassen
q       Financiering door overheid /
q       Overheidsgeld nodig als voorwaarde voor particuliere investering
q       Anders, namelijk….

Vervolg 7: kunnen ‘overheids’instanties bij toetsing/ontwikkeling/uitwerking van alle soorten plannen in het gebied nagaan of het beoogde ook een knelpunt of verbetering inhoudt m.b.t. de huidige bekende schaatsroutes.

Knelpunten zijn:
–          verdwijnen deel schaatsroutes
–          hinderlijke kluunpunten
–          te realiseren oversteekpunten
–          obstakels (bruggen, gemalen)
–          verleggen schaatsroute

Platform Toekomst Amstelland

Verslag van de Startbijeenkomst
maandag 4 november, 19.30-22.30, Rehoboth, Kerkstraat 12, Ouderkerk a/d Amstel

De startbijeenkomst begint in de kerk van Ouderamstel, waar de deelnemers met een kop koffie in de hand en de jas aan de start afwachten van de bijeenkomst. Daar gaan we in vier groepen uiteen om een tocht te maken langs vier mogelijke toekomsten van het Amstelland, verbeeld door mensen van de theatergroep Troje. Vanuit de verschillende toekomsten komen we weer bijeen op het vertrekpunt, de kerk van Ouderamstel. Daar krijgen we de boodschap mee van boer Roos uit 2033: ‘Doe alles wat je doet met vreugde in het hart. Remember… the future lies in your hands’.

Zo gaat de avond van start, gevolgd door een verwelkomende toespraak van mevrouw Renske Peters, gedelegeerd opdrachtgever van het project (hoofd sector Ruimte en Groen van de dienst Ruimtelijke Ordening (dRO) Amsterdam). Zij heet de deelnemers van harte welkom namens mw. Hester Maij (wethouder RO te Amsterdam) die wegens griep niet kon komen.
Klik hier voor de tekst van de toespraak.

Maureen Linthout neemt het woord en vertel kort iets over de opzet van het proces, waarna gelegenheid is om vragen te stellen.
Maureen Linthout veronderstelt dat men op de startbijeenkomst is gekomen met de vraag ´waarom zal ik aan dit proces deelnemen´? Ons idee is dat de motivatie in u voortkomt uit het belang om de kwaliteit van het Amstelland te bewaren en te bewaken. Om dit te realiseren moet er duidelijkheid bestaan over waar we naar toe willen met z´n allen. Daarom is er op initiatief van de 6 gemeenten (Abcoude, Amstelveen, Amsterdam, Ouderamstel, de Ronde Venen en Uithoorn) dit proces opgezet, met als doel een publieke plaats te creëren van waaruit gezamenlijk vorm gegeven kan worden aan de toekomst van het gebied. Het platform heeft als uitgangspunt dat je kwaliteit maar een keer kunt verliezen en dient daarom als plaats om samenhang aan te brengen in de verschillende ideeën, om projecten in te brengen en als draagvlak voor steun uit onverwachte hoek.
De beoogde resultaten van dit proces zijn dan ook een visie te creëren voor de lange termijn, tot 2033. Het maken van een ontwikkelingsplan voor de korte termijn, wat bijvoorbeeld concreet inhoudt het maken van een projectenlijst met investeringen die voor een deel al in deze college periode kunnen beginnen. Tot slot zullen alle resultaten binnen alle besluitvormingsorganen aan de orde komen zodat het in alle officiële kanalen wordt opgenomen.

Het platform gaat de toekomst onderzoeken aan de hand van 4 mogelijke scenario´s met ontwerpondersteuning. Wij denken aan een groep van 100 mensen die vier keer bijeen zullen komen in gemengde samenstelling. Tussendoor zijn er dan nog spiegelbijeenkomsten waar toetsing van de tussenresultaten plaats vindt bij de achterban van de verschillende belangengroepen. Naast het platform wordt ook ingezet op andere activiteiten in het gebied die in het teken staan van culturele ontdekkingsreizen en die bijdragen tot visievorming. Wat dit precies inhoudt komt in latere bijeenkomsten (zie onderstaand schema) verder aan de orde. Meer informatie hierover vindt u in het stuk ‘Introductie Toekomst Amstelland’ dat voor deze bijeenkomst is uitgereikt.

Maandag 4 november 2002
Startbijeenkomst
Maandag 25 november 2002
Modellenworkshop
Januari
Spiegelbijeenkomsten
Maandag 10 maart 2003
Projectenworkshop
1e weekend van mei
(onder voorbehoud)
Slotbijeenkomst

Tot slot gaat Maureen Linthout nog even in op de spelregels. Er was een signaal gekomen uit het platform dat het houden aan regels geen open houding teweegbrengt. Maureen Linthout benadrukt dat de spelregels van dit project absoluut niet zo bedoeld zijn. Het idee om met spelregels te werken is om een omgeving te scheppen waarin mensen elkaar vertrouwen en met elkaar meewerken aan een geheel. Middels de spelregels wordt vooraf duidelijkheid geschapen in eventuele verwachtingen.
De eerste belangrijke spelregel is dat alle partijen verklaren bereid te zijn af te zien van eerder ingenomen standpunten in het belang van het zoeken naar innovatieve oplossingen. Zij doen dit onder voorwaarde dat hun bevoegde instanties in de slotfase de gelegenheid krijgen de resultaten te beoordelen. Een andere belangrijke spelregel is dat de partijen bereid zijn alle medewerking te verlenen aan het proces en alle aanwezige kennis ter beschikking stellen. We gaan er vanuit dat wie deelneemt, ook iets wil bereiken met het platform. Een laatste belangrijke regel die hier wordt benadrukt is dat de partijen verklaren bereid te zijn alle benodigde inspanningen te verrichten om de resultaten van het proces in de derde ronde om te zetten in een gemeenschappelijke organisatievorm en een investeringsprogramma. Behalve visievorming is het ook de bedoeling iets te gaan doen samen!
Ten alle tijden geldt tijdens het proces dat ieder die hier zit gelijkwaardig is maar andersoortig!

Jeroen Saris dank Maureen Linthout. Zij zijn van De Stad bv en zijn als respectievelijk procesontwerper en procesbegeleider verantwoordelijk voor het procesontwerp. Jeroen Saris stelt aansluitend Renske Peters en Geert Timmermans (projectleider Amstelscheg, dRO Amsterdam) voor van de dRO Amsterdam. De dRO is gedelegeerd opdrachtgever van het proces. Dan zijn er de ontwerpers die zich straks zelf voor zullen stellen en vertegenwoordigers van de betrokken gemeenten De wethouders  Ruimte en Groen/ Ruimtelijke Ordening van de betrokken gemeenten maken deel uit van de Stuurgroep.

Jeroen Saris benadrukt dat de entree van het proces een luchtig en tegelijkertijd theatraal beeld geeft maar dat dit een proces is met een serieuze ondertoon, dat moet leiden tot serieuze besluitvorming en onderbouwing voor de wijze waarop geld wordt uitgegeven.

Vraag vanuit de zaal: Hoe verhoudt dit proces zich tot het Streekplan Noord-Holland-Zuid?
Jeroen Saris antwoordt dat wij met het proces een visie, een kaart en investeringen presenteren en geen streekplan maken. We zullen geproduceerde streekplannen die van belang zijn wel betrekken hierbij.

Vraag vanuit de zaal: Wat is de status van het project, wordt dat het verhaal van ´leuk wat jullie gedaan hebben, lekker gespeeld´?
Wethouder van Ouderamstel, mevrouw Brummelhuis, antwoordt dat er wordt deelgenomen met instemming van de hele raad. Zij is van mening dat er met hen gepraat wordt als er toekomstige plannen worden gemaakt. Dit is het voortraject van bestemmingsplannen inzake veranderingen in het gebied. Vandaar dat er ook veel belang aan wordt gehecht dat dit met de hele raad wordt afgestemd. Dat betekent ook dat  er aan het eind van de rit een visie ligt waar de gemeenteraad een oordeel over kan vormen. De uitspraak van mw. Brummelhuis wordt gedeeld en bevestigd door wethouder De Roode van Abcoude.

Vraag vanuit de zaal: Zitten hier alleen grondeigenaren van het gebied?
Maureen Linthout antwoordt dat de werving middels het sneeuwbaleffect is opgezet, waardoor veel verschillende mensen vanuit diverse kanalen worden benaderd en geïnformeerd. Dit wordt gedaan vanuit oude contacten, vanuit de contacten van de mensen die betrokken zijn bij het proces en vanuit contacten die de gemeenten hebben. Eenieder die zich aanmeldt kan contacten met zich meebrengen.

Vraag vanuit de zaal: (met betrekking tot spelregel 7) Zijn mensen die moeten leven van het gebied gelijk aan anderen die gebruik maken van het gebied?
Ieder is gelijk maar niet hetzelfde, ieder heeft het recht z´n eigen verhaal in te brengen en dat wordt voorgelegd aan degenen die erover gaan beslissen, aldus Jeroen Saris.

Vraag vanuit de zaal: Gaat het in dit proces net als in Amstelveen 2000+? Dat er uiteindelijk één regeltje over de boeren in staat?
Jeroen Saris zegt dat dit een heel ander proces is. Hier is het niet de bedoeling te eindigen met tekst maar met projecten.

Vraag vanuit de zaal: Hoe zit dit met het korte tijdspad?
Het uitgangspunt is volgens Jeroen Saris liever in korte tijd krachtig te handelen dan lange tijd uitgemeten praten. Het tempo geeft een zekere druk. Iedereen die hier zit denkt al langer na over het gebied, dat begint niet na vanavond en is na dit proces ook niet afgelopen. In de komende periode wordt hier vorm aan gegeven in een behoorlijk tempo zodat ideeën niet ´verwaaien´.

Vraag vanuit de zaal: Een bestuurlijke vraag, als we hier kiezen voor investeringen, hoe wordt er besloten tussen de twee betrokken provincies, Noord Holland en Utrecht. Hoe beslist Den Haag?
Jeroen Saris antwoordt dat Den Haag het probleem niet zal zijn aangezien zij zich minder bemoeien met regionaal beleid. Besluitvorming in de provincies kunnen wij niet oplossen of voorspellen maar ze worden beiden betrokken en meegenomen in het proces.

Vraag vanuit de zaal: Hoe verhoudt dit proces zich tot Zuid Holland en het Groene Hart? En wat wordt er gedaan met het project ´Waterrijk´ van de gemeente de Ronde Venen?
Ook met het Waterrijk project zal rekening gehouden worden, dat project gaat zoals voorgenomen verder. Voor wat betreft de begrenzing: de grens van ons project ligt bij de Stelling van Amsterdam.

Vraag vanuit de zaal: Het gebied maakt dus ook deel uit van het Groene Hart, in hoeverre is er overlap met allerlei gebiedsgerichte projecten?
Renske Peters antwoordt dat er verschillende mogelijkheden zijn voor dekkingsvormen, bijvoorbeeld het GIOS (Groen In en Om de Stad). De verschillende dekkingsbronnen moeten voortduren in aanmerking genomen worden.

Opmerking van dhr. Niamuth (Bureauhoofd bij het Groengebied Amstelland): Het Groengebied Amstelland is meegenomen in het project. De plannen voor de inrichting van het Groengebied worden tot 2033 meegenomen.

Vraag vanuit de zaal: Is dit proces een onderdeel van de regio Randstad en Deltametropool waar in het rapport LEI (Landbouw Economisch Instituut) wordt vermeld dat het boerenaanbod terug gaat?
Jeroen Saris zegt dat alles met de ontwikkeling ´nieuwe verhouding Stad en Land´ te maken heeft. Dit geldt ook voor de agenda´s van de betrokken gemeenten. Wij gaan niet voorbij aan LEI, ook zeker niet aan de toekomst voor boeren. Daar zijn hier verschillende denkbeelden over. In dit proces gaan we kijken wat het meest haalbaar is.

Om 21.15 uur gaan de deelnemers aan het werk. De ontwerpers die ondersteuning zullen verlenen bij het uitvoeren van de verschillende scenario´s, stellen zich zelf voor.

Scenario ´Amstelland in Boerenhand´, Geert Timmermans (dRO)
Hier staat centraal het inkomen van de boer, zaken als schaalvergroting, de verhouding tussen stad en land etc.
Jeroen Saris vraagt hoe kom de informatie voor dit scenario wordt verkregen. Geert Timmermans antwoordt dat er onderzoeken gedaan zijn die worden gebruikt. Er zijn onderzoeken gedaan die aangeven dat inkomens terug lopen en dat er geen opvolgers zijn voor veel boeren. Jeroen Saris vraagt zich af of de WLTO hierbij betrokken wordt. Dit is zeker het geval stelt Geert Timmermans, onder andere door het boerenonderzoek dat recentelijk is gestart door de WLTO, Agrarische Natuurvereniging de Amstel en het Groengebied Amstelland. Met al die gegevens gaan we aan het werk.
Niet alle boeren zitten in dit scenario, ze spelen ook in andere scenario´s een rol.

Scenario ´Autonome Ontwikkeling´, Roy Berents (ontwerper van dRO)
Jeroen Saris vraagt zich af of dit een scenario is of het meest realistisch? Wat gebeurt er met geen of weinig sturing van ´bovenaf´. Een vraag hierbij is bijvoorbeeld of open veenweide landschap houdbaar is. Vraag aan de ontwerper: ga je dit stilleren? Roy Berents antwoordt dat zeker ook in dit scenario onderzoek wordt gedaan.

Scenario ‘Amstellandgoed’ , Maurits de Hoog (ontwerper dRO, stedenbouwkundige)
Wij hebben meer op deze manier gewerkt aldus Maurits de Hoog. Het is een goede manier gebleken om de toekomst te verkennen. Bijvoorbeeld in Amstelland Noord, waar de plannen van de Shell goed bleken samen te vallen met andere ontwikkelingen, waardoor het maximale uit bepaalde elementen gehaald kon worden.

Scenario ´Landschapspark´, Yttje Feddes (landschapsarchitecte bij H+N+S)
Jeroen Saris vraagt of Yttje Feddes niets met dRO te maken heeft. Ze zegt daar verder niets mee te maken te hebben, in dit geval heeft H+N+S de opdracht gekregen te werken met het scenario ´Landschapspark´. Het uitgangspunt van dit scenario is uit te gaan van kwaliteiten van het gebied en deze te behouden. In dit scenario wordt de schoonheid onderzocht en hoe het huidige open veenweidelandschap opnieuw gebruikt kan worden met behoud hiervan.

Na deze inleiding van de scenario´s worden de groepen verdeeld en gaan uiteen met de opdracht op de kaartjes in te vullen wat voor het betreffende scenario de wensen, angsten en kansen zijn die men ziet. Het verzoek is hier zoveel mogelijk ideeën in te stoppen om de ontwerpers te voeden.

Na afloop vindt een korte terugkoppeling plaats uit de scenario´s door de ontwerpers en wordt een en ander bij een borrel nog eens doorgenomen.

Verslag Vertegenwoordigers van Ondernemers uit het Amstelland

Aanwezigen:
De heer G.B.H. Böhm (Industriële Kring Uithoorn)
De heer P. Ewalts (Kamer van Koophandel en Fabrieken Utrecht e.o.)
Mevrouw T. Hanssen (Ondernemersvereniging Amstelveen)
De heer P.J. de Jong (Rabobank Ouderkerk aan de Amstel)
De heer J. Koster (Vereniging Industriële Belangen de Ronde Venen)
De heer J.G. Reurings (Vereniging Winkelcentrum Zijdelwaard)
Mevrouw J. Tiesinga (Kamer van Koophandel Amsterdam)
De heer C.L. van Mourik (Ondernemersvereniging Abcoude)
De heer E.H. Koot (Ondernemersvereniging Abcoude)
De heer G.C.M. Korrel (Rabobank, agrariër Ronde Hoep en raadslid Ouder-Amstel)
De heer G. Timmermans (dRO/OGS)
Mevrouw M. Linthout (de Stad bv)
De heer J. Saris (de Stad bv)
Mevrouw S. Ermers (verslaglegging)

Locatie: Groengebied Amstelland, Amstelveen

Opening
Jeroen Saris van de Stad BV heet alle aanwezigen van harte welkom. Hij legt uit dat vanuit verschillende hoeken subsidiegelden beschikbaar zijn om projecten voor het Amstelland te realiseren. Zo zijn er subsidiegelden vanuit de ministeries LNV en VROM (´Groen in en om de Stad´, hierna kortweg aangeduid als GIOS), de gemeente Amsterdam en de Europese Unie. Deze bijeenkomst is erop gericht de plannen van de ondernemers boven tafel te krijgen en te beoordelen op basis van verschillende criteria. Uiteindelijk zullen de plannen worden voorgelegd aan de Stuurgroep Amstelland – bestaande uit wethouders van de deelnemende gemeenten – om uiteindelijk tot een selectie van geschikte projecten te komen.

Grondbank Fonds / Agrarisch grondgebruik
“Voor het behoud van het groene en open karakter van Amstelland spelen agrariërs een cruciale rol,” stelt de heer Korrel (voorzitter van het bestuur van de Rabobank, agrariër en raadslid in Ouder-Amstel). De centrale rol die boeren in de toekomst moeten spelen is niet voor alle aanwezige vanzelfsprekend: “Is er in dit stedelijke gebied nog wel ruimte voor agrariërs,” vraagt mevrouw Hanssen (ondernemingsvereniging Amstelveen) zich af, “wij hebben geen land meer en zouden bijvoorbeeld graag een groot stuk grond vrij willen maken voor een golfbaan.” De heer Reurings (voorzitter van de vereniging Winkelcentrum Zijdelwaard) voegt hieraan toe: ”Het is moeilijk om dit agrarische gebied te ontwikkelen. Ik zet vraagtekens bij een boer met vierhonderd koeien.”

“Om het voortbestaan van de agrariërs in dit gebied te kunnen garanderen zijn er extra maatregelen nodig”, stelt de heer Korrel, “er moet in ieder geval een oplossing komen voor de grondprijs, die nu veel te hoog is voor boeren. Naast het verbreden van hun bedrijfsdoelstellingen – bijvoorbeeld door in te spelen op recreatie –  is het ook nodig dat er een fonds opgericht wordt dat agrariërs financiële steun geeft om het gebied aan te kopen en te beheren.” De heer de Jong (Rabobank Ouderkerk aan de Amstel) voegt hier aan toe: “Agrariërs hebben economische zekerheid nodig en die krijg je niet door tijdelijke subsidies. Een fonds kan agrariërs echter wel overhalen tot een verbreding.”

De vraag is hoe dit fonds gefinancierd zou kunnen worden. “De GIOS-gelden zouden in dit fonds gestort kunnen worden,” stelt de heer Korrel voor, “Daarnaast zou er een percentageregeling in het leven geroepen kunnen worden. Ondernemers die aan de randen van het Amstelland willen bouwen, moeten een percentage van hun investeringen afstaan aan het fonds om het groene karakter te kunnen behouden.” De heer Timmermans (dienst Ruimtelijke Ordening Amsterdam en projectleider van het Platform Toekomst Amstelland) oppert: “Momenteel is er vanuit het Rijk een opkoopregeling met een beheersvergoeding; hier zou een agrarisch equivalent voor gemaakt kunnen worden. ”Er zit echter wel een principiële kant aan,” merkt de heer Ewalts (Kamer van Koophandel Utrecht) op, “als je een fonds opricht vanuit de Rijksoverheid kun je niet meer spreken van ondernemers, maar dan heb je het over beheerders. Recreatieondernemers krijgen dan geen kans meer.” De heer Koster (Vereniging van Industriële belangen de Ronde Venen) voegt hieraan toe: “De boer wordt dan een Melkert-baan.” “Bovendien moet je oppassen dat er geen verwaarlozing van het land ontstaat als de neveninkomsten hoger worden dan die van het boerenbedrijf, “ stelt de heer Saris.

De heer Saris concludeert: “De transacties van de grond moeten beter geregeld worden, de boer kan zijn functies verbreden en hij kan een vergoeding voor landschappelijke diensten vragen.” Hij informeert welke rol de Rabobank eventueel zou kunnen spelen bij de financiering en/of oprichting van een grondbankfonds. De heer de Jong antwoordt: “Financieel zou de Rabobank een katalysator kunnen zijn en een link kunnen leggen tussen ondernemers en agrariërs. Maar of dat op de hele korte termijn kan, dat is de vraag. We kunnen het in ieder geval onderzoeken.” De heer Saris stelt: “De Rabobank wil met een idee komen voor een verbredingsfinanciering, maar het is ook zinnig om aan alternatieven te denken, bijvoorbeeld Staatsbosbeheer of het Gemeentelijk grondbedrijf. Dan valt er wat te kiezen.”

Park en Ride
Mevrouw Tiesinga (Kamer van Koophandel Amsterdam) oppert het idee om de ontsluiting van het Amstelland te verbeteren door het ´Park en Ride´-principe in het gebied te introduceren. De weggebruiker wordt via een serie frequent geplaatste borden naar de juiste parkeerplaatsen geleid, zoals dit nu naar het Transferium het geval is. “Vervoer is hier een belangrijk knelpunt. De stedeling wil recreëren, maar dan zijn er wel extra voorzieningen nodig,” stelt mevrouw Tiesinga, “bovendien zou het de ondernemers in Amstelveen kunnen helpen.” Mevrouw Hanssen voegt hieraan toe: “Het stuk boven de A9 zou hier geschikt voor kunnen zijn.”

Ontsluiting Abcoude
De heer Koot (ondernemingsvereniging Abcoude) constateert het probleem dat Abcoude een sluiproute is geworden voor het verkeer van de A2: “Een brug is de oplossing. Met een rondweg ontlast je het dorp en wordt de leefbaarheid vergroot.” De heer Saris vraagt zich af of op deze wijze meer mensen naar Abcoude zouden willen komen. De heer Koot antwoordt: ”Je moet het omdraaien. Wat van belang is, is dat we minder afvloeiing krijgen. En dat de recreatie in het hele gebied aantrekkelijk wordt.” De heer Van Mourik voegt hieraan toe: “De doorstroming is voor de bereikbaarheid van het hele gebied belangrijk.” De heer Koot vertelt dat dit plan al vijfendertig jaar in de gemeenteraad aangekaart wordt, maar nog steeds niet goedgekeurd is. “Ik snap niet dat de gemeente Abcoude dit niet wil,” stelt de heer Korrel.

Topwonen
“In de Middelpolder en langs de Amstel zou ruimte vrijgemaakt kunnen worden om topwonen mogelijk te maken,” stelt mevrouw Tiesinga voor, “het is goed voor de sociale cohesie in het gebied en aantrekkelijk voor het topmanagement om dicht bij het werk te kunnen wonen.” Mevrouw Hanssen voegt hieraan toe: “Het hoeft niet schadelijk voor het gebied te zijn, mits er een aantal voorwaarden wordt gesteld, bijvoorbeeld dat er niet aansluitend gebouwd mag worden.” Mevrouw Hanssen geeft aan dat ze dit idee al meerdere malen aan de gemeente heeft voorgelegd, maar tot op heden weinig gehoor heeft gekregen. De heer De Jong stelt: “Het uitvoeren van dit plan heeft voornamelijk met bestuurlijk lef te maken. Overigens zou het topwonen ook een bijdrage aan het agrarisch fonds kunnen leveren.” De aanwezigen zijn het erover eens dat het topwonen zich zou moeten richten op de bovenste laag van het management: “Je moet minimaal 1000 m2 per woning vrijmaken en zeker niet aan twee-onder-één-kap-woningen denken. Ik denk meer aan het wonen zoals aan de Vecht,” stelt mevrouw Hanssen.

Recreatie op grote schaal
Mevrouw Tiesinga constateert dat de recreatie in het Amstelland momenteel kleinschalig georganiseerd is: “Dat gebeurt op dit moment nogal rommelig. De bestemmingsplannen gaan allemaal uit van recreatie op hele kleine schaal, terwijl grootser opgezette projecten de aantrekkelijkheid van het gebied kunnen vergroten. Ik denk dat met name het gebied onder de A9 hier geschikt voor zou kunnen zijn.” De heer Korrel vertelt dat in het verleden al gewerkt is aan de ontwikkeling van bijvoorbeeld een pretpark: “De mogelijkheden zijn er; we konden alleen geen geschikte ondernemers vinden.” Mevrouw Tiesinga heeft ook bij een rondvraag op de Hiswa gemerkt dat de animo van ondernemers vooralsnog niet heel groot is om op grote schaal te investeren in een groot recreatieproject in dit gebied.

Om de ontsluiting van het gebied voor de vaart te verbeteren zou gedacht kunnen worden aan het aanleggen van een Staande Mastroute. De heer Saris vraagt de aanwezigen in dit kader waarom er in Amstelland nog geen grote jachthaven aanwezig is. “Dat is niet rendabel, de kleine jachthavens zijn niet eens vol,” antwoordt de heer Reurings. “Ze moeten zelfs woningen op hun haventerrein bouwen om te kunnen overleven,” vult de heer Koot aan. “De plassen in dit gebied zijn geschikt voor kleine bootjes, terwijl de trend richting grotere boten gaat,” stelt de heer Böhm, ”bovendien is waterrecreatie er maar een paar maanden per jaar aantrekkelijk.”

A3-tracé
“Om de ontsluiting van met name Amstelveen Zuid te verbeteren, zou de N201 verbonden moeten worden met de A9,” stelt mevrouw Tiesinga. “Daar gaat het verkeer nu midden door woonwijken. Bovendien zou het ook voor de bloemenveiling een hele verbetering zijn. In dat geval zou de brug over de Amstel ook niet meer hoeven worden aangelegd en wordt het minder druk aan de rand,” voegt ze hieraan toe. Mevrouw Hanssen geeft aan dat de discussie over deze ontsluiting al geruime tijd loopt binnen de gemeente Amstelveen. De heer Timmermans stelt voor om dit plan te koppelen aan de eerder besproken fondswerving voor het gebied. “Dit plan kan dus een bijdrage leveren aan de middelen in Amstelland, beperkt de overlast voor bepaalde gebieden en kan bijdragen aan een betere ontsluiting,” concludeert de heer Saris.

Het vervolg
Terugkijkend op de bijeenkomst stelt de heer Saris dat het nodig blijft om na te denken over de verhouding tussen rood en groen in het Amstelland. “Het Amstelland moet open blijven, lijkt de conclusie, waarbij de vraag is hoe de financiering hiervan gerealiseerd kan worden.” Hij vraagt de aanwezigen te blijven werken aan de genoemde projecten en ze zodanig te verbeteren dat de uiteindelijke behandeling ervan door de Stuurgroep vergemakkelijkt kan worden. De heer Timmermans benadrukt dat het de bedoeling is dat dit proces – ook na de presentatie van de projecten aan de Stuurgroep Amstelland – zal blijven doorlopen en dat het indienen van nieuwe projecten dus ook na deze datum mogelijk blijft.[ES1]

Data
·         10 maart 2003. Projectenworkshop van het Platform Toekomst Amstelland
Alle aanwezigen zullen voor deze bijeenkomst nog een uitnodiging ontvangen. Nieuwe of verbeterde plannen die voor die datum bij het Platform aangemeld worden, kunnen op deze bijeenkomst nog besproken worden.
20 juni 2003. Slotmanifestatie. Presentatie van projecten en toekomstbeeld aan de Stuurgroep Amstelland.

A3-tracé, 3
GIOS, 1
Grondbank Fonds / Agrarisch grondgebruik, 1
Ontsluiting Abcoude, 2
Park en Ride, 2
Rabobank, 1; 2
Recreatie op grote schaal, 3
Staande Mastroute, 3
Topwonen, 2

Verslag van de Spiegelbijeenkomst: Boeren

Donderdag 6 februari, 20.00 – 22.30 uur

Gespreksleider: Dhr. J. Saris (directeur De Stad BV)

Aanwezigen:
In totaal waren er zo’n 40 mensen aanwezig, van wie de volgende bij naam bekend:
Dhr. G. Timmermans (DRO, projectleider Toekomst Amstelland), dhr. Roy Berents  (DRO, ontwerper Toekomst Amstelland), mw. M. Linthout (Procesbegeleiding, De Stad BV), mw. J. Klopper (Klopper Communicatie, verslaglegging), dhr. P. Roos, (voorzitter WLTO Amstelstreek), dhr. P.J. de Jong (Rabobank Ouder-Amstel), dhr. W. Schoenmaker, dhr. H. den Boer, dhr. J. van Schaik, dhr. A. van Zadelhoff, dhr. J. van Spengen, dhr. J. B. M. Kolk, dhr. A. van der Kroon, dhr. C. Benningen, dhr. J. Rijn, mw. J. Rustenburg (WLTO Heerhugowaard), mw. R. Stam-de Groot, dhr. A. Stam, dhr. J. van Diën, dhr. F. J. Sterk, dhr. G. Paul, mw. J. Paul, mw. Sijbring, mw. F. Snelling, dhr. W. Andriessen, dhr. M. S. Kea, dhr. C. Portergen, dhr. C. Hogenhout, mw. M. Hogenhout, dhr. A. Hogenhout, dhr. J. C. de Dood, mw. E. van Blaaderen, dhr. J. van Bodegraven, dhr. Langeveld, dhr. Korrel, dhr. Van der Kroon.

1.         Introductie
Dhr. Saris, directeur van De Stad BV heet iedereen van harte welkom op de Spiegelbijeenkomst Boeren en benadrukt dat de aanwezigen als belangrijkste eigenaar van het Amstelland een belangrijke stem hebben bij het bepalen van de uiteindelijke toekomst van Amstelland. In het kort schetst dhr. Saris de vier scenario’s die inmiddels zijn bedacht: Autonome ontwikkeling, Boerenhand, Parklandschap en Landgoed. Hij legt uit dat deze bijeenkomst ertoe zal dienen om te bepalen welke voorwaarden voor welk scenario van toepassing zijn, welke projecten bij welk scenario passen en hoeveel kans deze projecten maken.

Dhr. Saris licht toe dat men op dit moment halverwege het proces is. Aan het eind van het proces zullen keuzes gemaakt worden over projecten van enkele miljoenen euro’s. Het geld voor deze projecten is beschikbaar gesteld door het Ministerie van Landbouw, Natuur en Visserij, de Gemeente Amsterdam, en inmiddels ook door het Europees Fonds INTERREG. De projecten die uitgekozen worden moeten passen bij een toekomstbeeld van Amstelland dat:
– wenselijk is
– waarschijnlijk is
– waarvoor de middelen aanwezig zijn
– de voorwaarden aanwezig zijn.

Het eerste deel van deze bijeenkomst staat in het teken van de presentatie van de resultaten van een enquête die is gehouden door het WLTO onder de agrariërs van het Amstelland. Daarna worden de projecten die uit de enquete zijn gekomen besproken en kunnen de aanwezigen reageren op de ingediende projecten. Het laatste deel van de bijeenkomst is bedoeld voor de deelnemers om zelf projecten toe te voegen.

2.         Presentatie van de resultaten van de WLTO-enquête door dhr. P. Roos, voorzitter WLTO Amstelstreek
Dhr. Roos legt uit dat er 144 enquêteformulieren zijn verstuurd, waarvan er 85 zijn teruggekomen. Dit is een goed resultaat. Een commissie bestaande uit vertegenwoordigers van WLTO, de Agrarische Natuurvereniging, het Groengebied Amstelland en de Rabobank heeft de ingevulde enquêteformulieren bekeken. Hieruit valt het volgende te concluderen. Bij vergelijking met de landelijke trend valt op dat de bedrijven in Amstelland gemiddeld iets groter zijn en net zoals in de rest van Nederland geen gunstige inkomensontwikkeling laten zien. Jaarlijks verdwijnt gemiddeld 4 tot 5% van de bedrijven in Amstelland. Andere kenmerken van de bedrijven in Amstelland betreffen de bijzondere ligging (tussen Amstelveen, Amsterdam en Amsterdam Zuidoost, de zogenaamde Amstelscheg), en het feit dat het agrarische natuurbeheer het goed doet (80% doet mee). Wat het laatste betreft wordt wel aangevoerd dat de vergoedingen zeer gering zijn. Het is duidelijk dat men niet alleen meedoet vanwege de financiële drijfveer. Een van de belemmeringen bij het uitoefenen van de bedrijven in Amstelland is het waterbeheer: de strijd om het slootpeil op peil te krijgen. Daarnaast is er nog veel te doen op het gebied van de herverkaveling en vormen waterclaims, waterberging en waterconservering een aandachtspunt.

Aanbevelingen die naar aanleiding van de enquête ontwikkeld zijn, zijn de volgende:
– bedrijven moeten groeien om te overleven, maar de grond is duur. Een belangrijke vraag is dan ook hoe de grond goedkoper ter beschikking kan komen voor de agrarische bedrijven;
– men zou een structuur moeten ontwikkelen voor bedrijfsverbreding, waarmee men door middel van zorg, recreatie of andere zaken extra inkomsten kan verwerven;
–  de verkaveling moet verbeterd worden;
– gerichte bedrijfsadvisering over de toekomst van ieder individueel bedrijf is noodzakelijk;
– vermarkting van landschapsproductie. Iedereen vindt landbouw belangrijk, maar de vraag is hoe dit te realiseren is, het is namelijk geen vanzelfsprekendheid. Suggesties zijn het vergoeden van het bieden van openheid, het instandhouden van het cultuurlandschap of het vergoeden van koeien in de wei.

Dhr. Roos sluit zijn presentatie af met de melding dat een officiële presentatie van de enquête op 5 maart 2003 zal worden gegeven in aanwezigheid van dhr. Schippers, gedeputeerde van Noord-Holland.

3.         Discussie over de enquête
Er volgt een discussie tussen dhr. Saris en dhr. Roos over de aanbevelingen die gedaan zijn n.a.v. de enquête. Dhr. Saris vraagt dhr. Roos of een afname van het aantal boerenbedrijven wel kan worden tegengegaan. Volgens dhr. Roos is dit hoofdzakelijk afhankelijk van goodwill, fondsen en een groot maatschappelijk draagvlak. Zaken die tegenwerken zijn streekplannen, bestemmingsplannen en verkeersmaatregelen. Dhr. Saris stelt vervolgens voor om de vijf projecten die uit de enquête zijn gerold, na te lopen op waarschijnlijkheid, wenselijkheid, de voorwaarden die vervuld moeten zijn, en de middelen waarmee de projecten gerealiseerd kunnen worden.

Grondbank
De Grondbank is een van de middelen waarmee boeren kunnen uitbreiden. Daarvoor kan Brussel landschapssubsidies geven. In het vervolg hierop vraagt dhr. Saris hoe waarschijnlijk het is dat boeren deelnemen aan de grondbank. Dhr. Roos antwoordt dat dit alleen mogelijk is als een prijs voor de grond wordt betaald die hoger is dan de agrarische grondprijs; vaak vormt de grond voor bedrijfseigenaren namelijk hun pensioenwaarde. Dhr. Saris vraagt wie de beheerder van de grond zou worden in de grondbank: ‘Zou dat een coöperatie van boeren zijn, waarmee de boerengrond gezamenlijk eigendom wordt, of is een andere eigendomsvorm wenselijk?’ Voor dhr. Roos is een brede coöperatie waarin wellicht ook natuur- en recreatieverenigingen meedoen een optie: de Voetangel zou bijvoorbeeld deelnemer kunnen zijn. Deze bestaat immers bij de gratie van het open gebied

Structuur verbreden bedrijfsontwikkeling
Dhr. Saris stelt de vraag hoe de grondbank te realiseren is en bij wie het voorstel gedeponeerd zou moeten worden. Volgens dhr. Roos is hiervan nog geen concrete uitwerking. Dhr. Saris vraagt een vertegenwoordiger van de Rabobank hetzelfde. Deze vertegenwoordiger denkt inderdaad dat de Rabobank een rol zou kunnen spelen bij het tot stand brengen van de grondbank. Men zou de boeren zekerheid in hun inkomen kunnen geven. Het is volgens hem waarschijnlijk dat de grond eigendom van de boeren blijft, maar tegen een vergoeding zou het mogelijk moeten zijn dat ondernemers deelnemen aan de grondbank.

Dhr. Roos zegt dat het bedrijfsmatig gezien veel gunstiger is om koeien altijd op stal te houden in plaats van een deel van het jaar in de wei. Als men de koe in de wei wil houden, dan zal de hierdoor ontstane vermindering van inkomsten op de een of andere wijze gecompenseerd moeten worden. Overigens worden boeren ook vanuit milieuoogpunt gedwongen om koeien meer, zo niet altijd op stal te houden.

Dhr. Saris refereert aan een voorstel van dhr. Sijmons van H+N+S. In dit voorstel krijgen boeren extra inkomen in de vorm van korting op de vennootschapsbelasting ten behoeve van de openheid van het gebied. Is dit een goed idee? Dit wordt door een groot deel van de aanwezigen en dhr. Roos afgekeurd, omdat boeren nauwelijks vennootschapsbelasting betalen.

Dhr. Saris vraagt dhr. Roos wat eigenlijk bedoeld wordt onder zorg. Zijn dit de diensten aan derden d.m.v. een zogenaamde zorgboerderij. Met zorg bedoelt dhr. Roos kinderopvang, opvang asielzoekers, maar ook educatie. Hoe zou dit gerealiseerd kunnen worden. Volgens dhr. Roos is hiervoor een tussenpersoon nodig die voor de boeren zou kunnen onderhandelen (bijvoorbeeld de Rabobank).

Verkaveling en ontsluiting
Dhr. Saris vraagt waarom verkaveling wenselijk is. Volgens dhr. Roos is het beter voor de rentabiliteit van de bedrijfsvoering als er kavels rondom een boerderij liggen. Het doel van de verkaveling is het onderling ruilen van grond. Daarvoor is eigenlijk een onafhankelijke partij nodig. Dit gebeurt op dit moment door de Landinrichting. Dat is straks beëindigd en dan moet er toch weer onderhandeld worden. Er zal vervolgens weer versnippering van landbouwgrond gaan optreden.

Dhr. Saris vraagt of het onderling ruilen van grond mogelijk is in combinatie met de grondbank. Volgens dhr. Roos hoeft dit niet. Gehandeld wordt er wel, maar de vraag is of iedereen daar voldoende profijt van heeft. Dhr. Saris vraagt zich af waarom water geen apart project is. Dhr. Roos antwoordt dat er voldoende ontwatering moet zijn voor een goede bedrijfsvoering. Dat betekent voor deze veengrond minimaal 60 cm. Volgens hem moet er een keuze gemaakt worden tussen het in stand houden van het agrarisch cultuurlandschap of het in stand houden van het veenlandschap. Een combinatie van beide is niet mogelijk volgens hem. Het vernatten van het veen heeft namelijk niets te maken met de waterproblematiek die speelt in het streekplan.

Dhr. Saris werpt de stelling op dat toename van de recreatiefunctie slecht voor het gebied zou zijn. De heer Roos is het er niet mee eens; volgens hem hebben boeren waarschijnlijk voordeel van recreatie. Mensen zien waar de boeren mee bezig zijn, het wordt tastbaar. Wel kan recreatie ook ergernis veroorzaken. Dhr. Saris vraagt hierop of er onder de aanwezigen ook mensen zijn die met recreatie geld verdienen. Het blijkt zo te zijn dat de gemeente boeren verbiedt om mensen aan te trekken, het moet rustig blijven. Er is onder andere hierdoor niemand die met recreatie geld verdient. Overigens vinden de aanwezigen recreatie niet strijdig met natuur en milieu.

Het blijkt dat enkele aanwezigen vinden dat Amsterdam en zijn bewoners voor het recreatiegenot dat men heeft door het Amstelland, best zou kunnen betalen, bijvoorbeeld door de prijs van nieuwbouw te verhogen. Dat geld zou men in een fonds kunnen stoppen dat is bedoeld voor het behoud van natuur. Hetzelfde geldt voor waterberging. Men kan immers door bebouwing het water niet meer overal bergen. Dhr. Saris roept de aanwezigen op om dit voorstel te dienen.

Als voorbeeld van een recreatieve functie noemt dhr. Saris het creëren van een pad in de Ronde Roep. Volgens de aanwezigen hoeft dat geen verhard pad te zijn, er zijn volgens hen veel mensen die met laarzen de wei in zouden willen. Volgens dhr. Saris weten recreanten niet waar men het gebied in kan gaan. Hij vraagt of het bevorderen van recreatie door informatie een goed project zou kunnen zijn. In het vervolg hierop stelt dhr. Saris dat een panoramafoto van de Ronde Hoep heel mooi is, maar weinig laat zien. Volgens dhr. Roos is dit nu juist het unieke van de Ronde Hoep. Er is binnen een kilometer niets en niemand te zien. Overigens vindt een groot deel van de aanwezigen een pad door de Ronde Hoep niet wenselijk. Als boer moet je je houden aan zeer strenge hygiëneregels in verband met de MKZ. Men ziet het niet zitten dat recreanten in groten getale de Ronde Hoep zouden betreden. Langs de Amstel/Waver zou een pad wel mogelijk zijn. Ook is uitbreiding van de fietspaden bij de Ouderkerkerpolder een optie. Maar het opknappen van de Amsteldijk en het fietspad van de Amsteldijk naar Uithoorn is nog veel belangrijker, want dat dient ieders belang.

Vermarkten landschapsproductie
Dhr. Saris gaat door naar het volgende onderwerp: extra opbrengsten door bebouwing op het erf van de boeren en inkomsten die hieruit voortvloeien. Op basis van de reacties uit de zaal concludeert dhr. Saris dat dit niet zou kunnen, ook niet bij wijziging van regels. Een van de aanwezigen geeft als suggestie mee dat de bestemming van het gebied ten noorden van de A9 (Middelpolder en Bovenlanden) zeker gewijzigd zou kunnen worden; het is volgens hem allang niet meer agrarisch. Geen boer wil hier nog grond pachten. Je zou daar meer bebouwing kunnen toestaan. Een van de deelnemers vindt het belangrijk dat het oude landschap van de Duivendrechtse polder, een gebied dat zo dichtbij Amsterdam ligt, behouden moet blijven.

Pauze

Dhr. Saris vraagt de aanwezigen of zij nieuwe projecten zouden willen indienen. Hiermee start het officiële tweede deel van de bijeenkomst.

3.         Voorstellen voor nieuwe projecten
Dhr. De Nooij zou de waterschapslasten cq polderlasten willen afschaffen; dit zou de boeren € 80 per hectare per jaar schelen en zou ten gunste van de agrarische bestemming kunnen komen. Dit lijkt hem een goede besteding van de GIOS-gelden. Dhr. Saris vraagt of het mogelijk zou zijn om deze ontheffing alleen te geven als je bijvoorbeeld aan natuurproductie doet. Dit is volgens dhr. De Nooij niet nodig, het Amstelland heeft al genoeg waardering, ook zonder natuurproductie.

De discussie verplaatst zich naar de vraag of het niet vreselijk kunstmatig is om het inkomen van boeren op te vijzelen. Volgens de aanwezigen houd je geen agrarisch gebied meer over als je dit niet doet. Schaalvergroting betekent per definitie dat de koeien continu op stal moeten staan, omdat het anders economisch niet rendabel is. Dit voorstel is dus afgewezen.

Er volgt een opmerking over de grondbank. Volgens de aanwezigen is de grond die nu in bezit is van BBL te duur. Dhr. Roos vertelt dat de gronden zijn aangekocht om het landinrichtingsplan te kunnen realiseren. De WLTO voert al jaren strijd over de pachtprijs. Het is een gegeven dat de prijs op een gegeven moment te hoog wordt en dat de BBL de gronden dan niet meer kan verpachten. Dit is een onderwerp voor bespreking.

Mevrouw Linthout meldt dat dhr. D. Tanger van het Landschap Noord-Holland een aanbod aan de boeren doet. Hij zou samen met de boeren en de WLTO willen komen tot verbetering van de landschapsinrichting. Hiervoor wil hij graag een aparte bijeenkomst plannen. De aanwezigen reageren sceptisch. Bij de bespreking van het reservaatgebied in de Ronde Hoep met het Landschap Noord-Holland vond men dat Landschap Noord-Holland de eisen te hoog stelde. Het gebied staat te veel onder water en is daarmee dus voor boeren niet interessant. Er wordt ook nog opgemerkt dat het Landschap Noord-Holland elke keer een andere contactpersonen stuurt. Dit maakt de communicatie niet makkelijker.

Een vertegenwoordiger van de Duivendrechtse polder zegt dat de parkstrook langs de A2 in de tekening ten koste gaat van de ruimte van de boeren. Hierdoor moeten de boeren hun koeien nog meer op stal houden. Hij stelt voor om een enquête te houden onder passanten van de rijksweg 2 met de vraag wat ze mooier vinden: streekeigen polderland met veen of een gebied met bomen en volkstuinen. Hij vindt dat het huidige plan verzwakking betekent van het karakteristieke platteland en dat het geld voor dit project beter kan gaan naar zeedijken en rivierdijken. Dhr. Saris gaat naar aanleiding van deze opmerking over op het voorstel om een geluidswering langs de A2 te plaatsen.

Geluidswering langs de A2
Langs de A2 zou plaats zijn voor windturbines waarmee windenergie kan worden opgewekt. Opbrengsten hieruit zouden ten gunste kunnen komen van de grondbank. Bij de spiegelbijeenkomst cultuur en historie is een voorstel gedaan om op elke plek waar vroeger een oude windmolen stond, een windturbine te plaatsen. Dit wordt in zijn algemeenheid geheel afgewezen. Als er windturbines komen, dan zouden deze alleen langs de rand van A2 mogen komen, of aan de rand van een ander open gebied. Het planten van bomen langs de A2 wordt ook niet met veel enthousiasme ontvangen. Bomen zouden het karakter van het open gebied verstoren. Uit de zaal volgt de opmerking dat bomen langs de A9 sowieso geen nut hebben: men zou er overheen kijken. Een van de andere aanwezigen is juist wel voor het planten van bomen: het past in het landschap.

Duivendrechtse polder
Dhr. Saris leidt dit discussiepunt in met de opmerking dat elk scenario uitgaat van het openhouden van de polder middels boerenbedrijven. Het scenario Landschapspark trekt de consequentie dat het natuurreservaat in de Ronde Hoep hier niet bij past. De deelnemers vragen zich af welke status het reservaat heeft. Geen enkele boer zit te wachten op een reservaat, maar het is wel de uitkomst van 20 jaar landinrichting Men vraagt zich af hoe men de status van het reservaat zou kunnen veranderen. Dhr. Saris geeft als suggestie om dit met BBL te bespreken. Men zou het ook opnieuw ter discussie kunnen stellen met de gekozen bestuurders uit de gemeente. De meerderheid van de deelnemers is het erover eens dat een parkachtig landschap betekent dat de agrariërs niet kunnen overleven. Er volgt een opmerking over de waterberging. Dhr. Saris meldt dat het waterschap zegt dat waterberging niet duidelijk is. Het enige dat duidelijk is dat men het gebied open wil houden en niet mag bebouwen. Dhr. Saris vraagt de aanwezigen of het niet nodig zou zijn om hier meer duidelijkheid over te krijgen van de waterschappen. Hierop wordt instemmend gereageerd.

Vervolgens volgt er een opmerking uit de zaal met de vraag waarom er vanavond geen uitgewerkt plan met een financiële onderbouwing gepresenteerd wordt op basis van de uitgangspunten tot nog toe. Dhr. Saris antwoordt dat het opstellen van zo’n plan niet alleen een kwestie van rekenen is, maar ook veel onderhandelen vergt met de betrokken partijen en bijvoorbeeld het Ministerie van Landbouw.

4.         Rondvraag
–          Een boer in de nieuwe Bullewijk vraagt zich af waarom die polder in het scenario Autonome ontwikkeling volgebouwd is. Dat is niet wenselijk, bovendien staat er in het bestemmingsplan van Ouderkerk dat het gebied agrarisch zal blijven. Het antwoord is dat dit scenario de ontwikkeling wil laten zien die kan ontstaan als er geen specifieke richting wordt gegeven.
–          Een van de deelnemers vindt de overheid onbetrouwbaar. Zaken veranderen continu. Dhr. Saris zegt dat lang geleden al besloten is om de driehoek groen te houden. Op een gegeven moment kan onder druk van de woningnood het groen opgegeven worden, hoewel Amsterdam wel een bijzonder grote waardering heeft voor het groen. In het vervolg hierop werpt een van de deelnemers tegen dat Amsterdam 60.000 woningen moet bouwen als  Almere deze niet wil. Hij vraagt zich af waar ze deze 60.000 woningen gaan bouwen.
–          Een van de aanwezigen zegt dat het bestemmingsplan van Ouderkerk bijna klaar is en vraagt zich af of deze bijeenkomsten wel zin hebben. Dhr. Timmermans antwoordt dat de bijeenkomsten met name voor ideeënvorming belangrijk zijn.
–          De deelnemers vragen zich af hoe zij allerlei besluiten die over hun toekomst gaan kunnen stoppen. Dhr. Timmermans zegt dat er voorstellen geformuleerd worden richting waterschappen en bestuur en dergelijke.
–          Een van de deelnemers stelt voor om een convenant op te stellen met alle spelers waarin wordt afgesproken dat het landschap blijft zoals het is. Dhr. Saris zegt dat het prima plan is. Dhr. Saris raadt aan om hierover een voorstel in te dienen.
–          Als laatste werpt iemand op dat de projecten niet strijdig zijn met elkaar. Zijn suggestie is om samen een vuist te maken.

5.         Afsluiting
Dhr. Saris meldt dat er op 10 maart 2003 een projectenworkshop plaatsvindt waarop alle projecten zullen worden besproken. Iedereen wordt hiervoor van harte uitgenodigd. De heer Saris bedankt iedereen hartelijk voor zijn of haar bijdrage.

Duivendrechtse polder, 6; 7
Geluidswering langs de A2, 7
Grondbank, 4
Structuur verbreden bedrijfsontwikkeling, 4
Verkaveling en ontsluiting, 4
Vermarkten landschapsproductie, 5

Projectschema Spiegelbijeenkomsten

Projectgegevens:
1.        Projectnaam (+ locatie): Boerenlandwandeling (bij voorkeur in de Ronde Hoep, zie hieronder)
2.        Initiatiefnemer(s): ANWB
3.        Geschatte projectkosten: € 50.000
4.        Status (ideefase, voorbereidingsfase, uitvoeringsfase): ideefase

Invalshoek & Scenario:
5.        Invalshoek (meerdere tegelijk mogelijk)
q       Boeren
q       Cultuur & Historie
q       Natuur & Milieu
q       Ondernemers
q       Recreatie
q       Water
q       Anders, namelijk: …
6.        Past in Scenario (meerdere tegelijk mogelijk)  :

q       Autonome ontwikkeling
q       Amstelland in Boerenhand
q       Parklandschap
q       Amstellandgoed
q       Geen van de scenario’s
q       Weet niet

Wenselijkheid:
7.        Beoogd doel / lost welk probleem op? Vergroten recreatief medegebruik

Waarschijnlijkheid:
8.        sluit aan bij welke ontwikkeling / trend? Of gaat daar tegenin? Sluit aan bij Amstelland in Boerenhand

Voorwaarden:
9.        Beoogde partners in de uitvoering: agrariërs (WLTO)

10.    Voorwaarden voor uitvoering:
q       Tempo
q       Regelgeving aanpassen
q       Financiering door overheid /
q       Overheidsgeld nodig als voorwaarde voor particuliere investering
q       Anders, namelijk….
Vervolg 1: Wandelroute over agrarische grond, rondgaande route van ca. 10 km. De boeren krijgen een vergoeding (bv €1/m/jr??) voor openstelling en beheer (voor 10 jaar ineens) + verbindingen naar de woonwijken.